Het alles-wat-je-wilde-weten-over-dichters-in-de-prinsentuin-interview
"Dichters in de Prinsentuin"? Klinkt idyllisch.
Poëtisch, zomers en zonnig, dat zeker! En heel gezellig. Met de beste Nederlandse en Vlaamse dichters.
Leuk, zoveel enthousiasme, maar mogen we ook even wat harde feiten?
Nou, vooruit:
- de laatste week van juli, in hartje Stad (Groningen, dus)
- ongeveer 2000 bezoekers
- 80 dichters
80 dichters?! Waar haal je jaarlijks zoveel dichters vandaan?
De helft daarvan is professioneel dichter: van debutant tot P.C. Hooft-prijswinnaar. Veel dichters volgen we al jaren, maar jaarlijks komen er veel nieuwe gezichten bij. Overigens vragen we dichters vrijwel nooit twee keer achter elkaar: iedere editie is dus weer anders.
En dus zo'n veertig "amateurs"?
En daarnaast inderdaad nog veertig nieuwe dichters: vaak jong aanstormend talent, maar ook veel mensen die al wat langer met poëzie bezig zijn en net niet zijn doorgebroken, of domweg niet een uitgever hebben gevonden of gezocht. Met ons project "Parels kweken" brengen we ze in contact met de meer ervaren dichters, die hen adviseren bij de redactie van hun gedicht voor de festivalbloemlezing; ook kunnen ze in een workshop experimenteren met hun voordracht.
Vertel eens, hoe is het allemaal zo gekomen?
De dichter Tsead Bruinja zocht veertien jaar geleden een - het zijn uw woorden - idyllisch plekje om zijn nieuwe gedichten aan de wereld kundig te maken. Dat werd de Prinsentuin. Hij nodigde een flink aantal collega-dichters uit en ze hadden zo'n leuke tijd dat het jaar daarna opnieuw bijeengekomen werd. De belangstelling groeide gestaag en inmiddels is het festival enorm gegroeid, maar nog steeds gratis!
Tjee gratis! Daar kom ik nog op terug, maar mag ik ook meedoen?
Niet iedereen kan meedoen, maar jij misschien wel. Het kan zijn dat de redactie al gedichten van je heeft gelezen of gehoord, maar misschien heb je onlangs nog betere gedichten geschreven. Stuur ze dan naar het festival. Op de website kun je lezen hoe en wanneer dat mogelijk is. Jaarlijks melden veel dichters zich aan. De redactie maakt een zo zorgvuldig mogelijke keuze op basis van drie gedichten. Als je bij de geselecteerde deelnemers hoort, mag je je werk voordragen in de befaamde loofgangen: je staat dan in een soort poëzieloketje (een "gat in de haag", zoals K. Schippers het heel dichterlijk verwoordde) waar het publiek langsloopt om te luisteren naar jou en je collega´s.
Gratis zei je. Dat betekent dat iedereen kan komen. Vandaar zoveel bezoekers natuurlijk, en zoveel jongeren ook. Maar voor niets gaat de zon op, en dan is het ook nog crisis enzo...
Gelukkig wordt het festival gesponsord en gesubsidieerd. De gemeente Groningen is de grootste gever, maar gelukkig vinden ook veel fondsen Dichters in de Prinsentuin heel waardevol: Stichting LIRA Fonds, het Nederlands Letterenfonds, het Fonds voor Cultuurparticipatie en SNS REAAL Fonds steunen ons al jaren.
Wie zijn die sponsoren dan?
Teveel om op te noemen. Café´s en restaurants laten de dichters gratis eten en Het Paleis geeft een korting op de overnachtingen. De uitgeverijen kleine Uil en Passage steken de helpende hand toe, de Bibliotheek biedt ondersteuning. Verder zijn er zeer veel mensen die vrijwillig de handen uit de mouwen steken tijdens het festival. Super bedankt!
Rolien Scheffer, je bent al een tijdje aan het woord over het festival, maar vertel eens iets over jezelf?
Voor ik over mezelf begin, wil ik ook Maarten Praamstra en Arjen Nolles noemen. Zij vormen samen met mij de festivalredactie.
Maarten is een rasechte poëziefanaat. Tevens redactielid van het prozafestival Het Grote Gebeuren. Dan helpt hij ook nog mee bij Literaturia, het literatuurprogramma op Noorderzon.
Arjen is zelf dichter, en is al voor het achtste jaar betrokken bij de organisatie van Dichters in de Prinsentuin. Als filmmaker is hij creatief en weet hij ook nog eens het een en ander van techniek. Heel handig.
Sinds eind 2009 ben ik coördinator van het festival. Dat betekent dat de dichters en andere betrokkenen het meest met mij van doen zullen hebben. Ik zorg dat alles goed geregeld is, van de zakelijke kant tot het kopje thee. In m´n vrije tijd doe ik onderzoek naar dichters in het zestiende-eeuwse Venetië, wat me een bijzonder perspectief biedt op de hedendaagse poëzie uit Nederland en België.
Sinds 2009 zei je, wie heeft dan al die jaren daarvoor het festival georganiseerd?
De lijst is lang, maar laten we hier in ieder geval Tsead Bruinja en Roos Custers noemen die beiden meerdere jaren de kar hebben getrokken. Correen Dekker was festivalcoördinator van editie 2009. Zonder volledig te willen en kunnen zijn: Wimer van der Veen, Elco van der Wilt, Rense Sinkgraven en Anneke Claus waren in het verleden ook bij de organisatie betrokken.
Maar wie is dan die man in het wit, die altijd de boel in de Prinsentuin aan elkaar praat en al die dichters in het gareel houdt?
Dat is Klaas Knillis Hofstra, presentator van het eerste uur. Hij dicht zelf ook, in het Stellingwerfs. Of Stellingwarfs, daar wil ik vanaf wezen. Bijna niemand spreekt die taal meer, maar hij dus nog wel.
En wie heeft trouwens die mooie website van jullie ontworpen?
Kim Hunnersen maakte de kleurige achtergronden van onze site, en ontwerpt sinds 2009 ook onze programmafolders en zeer gewilde ansichtkaarten. Kijk ook ´s op haar eigen website:
www.helemaalkim.com. Bas Kelly van
www.effe-design.nl heeft de website gemaakt en onderhoudt deze.
Na LxHxBxT (2009) en Dagelijks Brood in 2010, is nu Oog in Oog het thema; moeten schrijvers zich aan een thema houden?
Nee! Met het jaarlijks wisselende thema bieden we steeds een andere invalshoek op de consumptie van poëzie. Het gaat daarbij om de ervaring van de lezer en luisteraar, als hij of zij zich de gedichten eigen maakt.
Dus de dichters bepalen zelf waarover zij schrijven?
Dat doen ze toch! Net als de luisteraar overigens, die zelf bepaalt wat hij hoort en wat hij met de poëzie doet. Wel wilden we zo de ontvangende kant centraal stellen. Dichters schrijven vaak voor dichters. Daar is niets op tegen, maar bij Dichters in de Prinsentuin willen wij de poëzie voor een groot publiek beschikbaar maken.
Is dat niet optimistisch?
Nee, dat slaagt. De mooie Prinsentuin en het mooie weer maken toch al dat het publiek geniet. En het publiek luistert daardoor genietend. Uiteindelijk is dat de sleutel tot de appreciatie van poëzie. Of poëzie moeilijk is, is dan al snel niet belangrijk meer.
Mooi woord: appreciatie. U schuwt moeilijke woorden niet.
Fijn woord inderdaad. U begrijpt me.